Als mensen aan een dolfijn denken,
denken ze meestal aan de tuimelaar.
Dat is ook de meest voorkomende dolfijnensoort. Die zie je ook het meeste in een dolfinarium. Zo'n dolfijn was ook de held in een oude televisieserie: "Flipper”.
Tuimelaars zijn bekend om hun intelligentie en speelsheid.
De dolfijn heeft longen en moet dus regelmatig boven water komen om adem te
halen. Adem halen doen ze door het blaasgat bovenop hun kop. Als ze duiken gaat het gat weer dicht. Een tuimelaar kan wel 15 minuten onder water blijven, maar
andere soorten nog veel langer, soms wel een uur!
Er zijn ongeveer 36 soorten echte dolfijnen en nog wat soorten in andere families. De meeste dolfijnensoorten leven in een groep bij elkaar. Zo kunnen ze goed jagen op vissen en inktvissen en zijn ze beter beschermd tegen vijanden.
De gewone dolfijn is een van de bekendste dolfijnensoorten. Hij is slank, snel en kan tot 60 kilometer per uur zwemmen.
Gewone dolfijnen leven in grote groepen, soms wel met honderden tegelijk. Ze eten vooral vis en inktvis. Deze dolfijnen staan bekend om hun vrolijke sprongen en speelse gedrag. Je vindt ze in warme en gematigde zeeën overal ter wereld.
De Haviside-dolfijn is een kleine en bijzondere dolfijn die alleen langs de kust van Namibië en Zuid-Afrika leeft. Hij wordt
ongeveer 1,8 meter lang en weegt rond de 75 kilo. Ze hebben een donkere rug en een lichte buik, waardoor ze goed opvallen in de zee. Ze eten vooral vis en inktvis.
Deze dolfijnen leven in kleine groepen en maken vrolijke sprongen boven het water. Ze zijn snel en nieuwsgierig.
De witflankdolfijn is niet zo heel erg bekend. Hij leeft in de koude zeeën van het noorden, zoals rond IJsland, Noorwegen en Canada. Hij wordt ongeveer 2,5 meter lang en weegt tot 230 kilo. Zijn naam komt van de witte vlekken aan de zijkant. Witflankdolfijnen eten vooral vis en inktvis. Ze kunnen ook niet zo lang onder water blijven, maar 5 minuten maximaal.
Aan het skelet van een dolfijn kun je goed zien, dat de schedel wat langgerekt is.
De botjes in de voorvinnen "flippers", zien er haast nog net zo uit als in onze armen en handen.
Dolfijnenbotten zijn wat lichter en sponsachtiger, omdat een dolfijn in het water leeft.
Download de woordzoeker, kruiswoordpuzzel of andere puzzel van deze Flipping-pagina.
De afbeeldingen die je op deze Flipping-pagina ziet, kun je omdraaien door erop te klikken.
In de tekst kom je woorden tegen, die je ook kunt vinden in de puzzel die je gedownload hebt. Bij een woordzoeker lees je een zin als je alle woorden hebt ingevuld.
Voor je juf of meester is er ook een antwoordblad
De meeste dolfijnen hebben een grappige kop. Het komt ook een beetje door zijn bolle voorhoofd. Dat heet de "meloen" en wordt gebruikt voor de echolocatie van een dolfijn. Net als een vleermuis zendt een dolfijn geluidjes uit, die weer teruggekaatst worden door bijvoorbeeld zijn prooidieren.
Een jonge dolfijn heet een kalf. Het wordt na ongeveer een jaar in de buik van de moeder geboren. Meteen na de geboorte moet het kalf naar boven om adem te
halen. De moeder en soms ook andere vrouwtjes in de groep zorgen goed voor het kleintje. Het drinkt melk bij zijn moeder en blijft altijd dichtbij haar zwemmen. Zo leert het kalf jagen, spelen en communiceren met geluiden.
De gestreepte dolfijn zie je veel in de
oceanen en zeeën waar het niet heel koud is. Hij is erg speels en zoekt vaak het
gezelschap van boten op.
Ze leven in groepen van 5 tot wel 300
dieren.
Hij kan diep duiken, wel 200 meter.
De rivierdolfijn leeft in zoet water, zoals in de grote rivieren van Zuid-Amerika en Azië. Ze hebben een lange, smalle snuit en kleine ogen, omdat het water vaak troebel is. Rivierdolfijnen gebruiken echolocatie om hun weg te vinden en om voedsel,
zoals vis en krabben, te zoeken. Ze zwemmen meestal langzaam en leven vaak in kleine groepen. Deze dolfijnen zijn zeldzaam en soms bedreigd.
Witsnuitdolfijnen is de meest voorkomende dolfijnensoort in de Noordzee. Waarschijnlijk zwemmen er wel tussen de 7000 en 8000 rond. Ze zwemmen graag op de boeggolven van schepen. Hij wordt ongeveer 3 meter lang en kan tot 300 kilo wegen. Zijn naam dankt hij aan de lichte kleur rond zijn snuit. Witsnuitdolfijnen eten vis en inktvis en jagen vaak samen.
Dolfijnen zijn zee-zoogdieren. Ze behoren tot de tandwalvissen. Er zijn tussen de 40 en 42 soorten dolfijnsoorten.
Dolfijnen hebben longen, een vaste lichaamstemperatuur en krijgen levende jongen die bij de moeder melk drinken.
Dolfijnen komen in alle wereldzeeën voor.
Klik op het plaatje voor een groter beeld.
De orka wordt ook wel zwaardwalvis
genoemd, maar eigenlijk hoort hij bij de dolfijnenfamilie. Ze kunnen wel negen
meter lang worden en eten vis, zeehonden en soms zelfs walvissen. Orka’s leven in groepen waarin ze samenwerken bij de jacht. Ze zijn heel slim en maken geluiden om met elkaar te praten. Orka’s komen voor in bijna alle oceanen, van koude tot warme wateren.
Een dolfijn kan wel 200 tanden in zijn bek hebben. Maar bij de meeste soorten is dat zo tussen de 80 en 100.
Een dolfijn kauwt zijn voedsel niet, maar slikt de prooi heel in.
Dolfijnen staan bekend om hun hoge sprongen van wel 4 meter hoog boven het water. Ze doen dit om te spelen, maar door te springen besparen ze energie, omdat door de lucht bewegen minder weerstand geeft dan door het water. Soms springen ze om prooien beter te zien of om met elkaar te communiceren. Voor mensen ziet het er spectaculair uit, maar voor dolfijnen is het handig en natuurlijk gedrag.
De grijze dolfijn wordt ook wel gramper genoemd. Hij wordt ongeveer 3 tot 4 meter lang en weegt tussen de 300 en 500 kilo. Hij heeft geen spitse snuit, maar een ronde kop, weinig tanden, en oudere
dieren zijn lichter gekleurd met veel littekens. Grijze dolfijnen jagen vooral op inktvis in diep water en zwemmen in groepen van 10 tot soms duizenden dieren.
Er zijn ongeveer 20 soorten spitssnuit-
dolfijnen.
De "kleinste" is ongeveer 4 meter en de grootste is de zwarte dolfijn, die wel 12 meter kan worden!
Hij lijkt ook meer op een walvis dan op een dolfijn.
De witte dolfijn, ook wel beluga genoemd, leeft in de koude wateren van het noordpoolgebied. Hij wordt ongeveer 4 tot 5 meter lang en kan tot 1.500 kilo wegen. Witte dolfijnen hebben geen rugvin, zodat ze makkelijk onder ijs door kunnen zwemmen. Ze eten vis, garnalen en krabben. Beluga’s maken veel verschillende
geluiden en worden daarom ook wel de
“kanaries van de zee” genoemd.
In een dolfinarium zie je vaak tuimelaars. Die zijn erg speels en vinden het leuk om dingen te leren. Hoewel dolfinaria zich vaak richten op educatie over het belang van natuurbehoud, is er ook kritiek op het gebruik van dolfijnen in shows, waarbij dierenrechtenorganisaties wijzen op het dierenleed, de stress en de beperkte leefomgeving van de dolfijnen in gevangenschap.